Essterfte door Chalara fraxinea
Geplaatst op vrijdag 24 september 2010, door Boomadviseur. Bron: Nederlandse Boominfodag/Dr. J. Schumacher
Essterfte is een opkomende ziekte in Fraxinus excelsior en Fraxinus angustifolia in Europa. De ziekte heeft zich reeds wijd verbreid in Noord- en Centraal-Europa en in sommige delen van West- en Zuid-Europa. Recentelijk werden de eerste aangetaste essen in Nederland aangetroffen. In dit artikel vindt u enige informatie over de Essterfte.
Eerste meldingen
De eerste meldingen van de Baltische staten, Polen en het zuidwesten van Scandinavië dateren van het begin van de negentiger jaren in de vorige eeuw en zijn gevolgd door artikelen uit Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland, Frankrijk, Hongarije en zeer recent uit Slovenië. (JUODVALKIS and VASILIAUSKAS 2002; PRZYBYŁ 2002 a; BARKLUND 2005; HEYDECK et al. 2005; CECH 2005; THOMSEN and SKOVSGAARD 2006; KOWALSKI and HOLDENRIEDER 2008; Szabo 2008; OGRIS et al. 2009, JANKOWSKY and HOLDENRIEDER 2009).
Symptomen
Jonge en oude bomen op zeer verschillende groeiplaatsen, zijn aangetast zowel in bossen en in het landschap als in boomkwekerijen en in stedelijk gebied. Symptomen zijn: verwelken van blad en jonge scheuten, afsterven van uitlopers, vroegtijdige bladval, allerlei soorten verkleuringen van de schors in verschillende groottes (necrosen) en het altijd ontbreken van bloedingen. Door de ziekte gaan jonge bomen in een paar jaar dood, terwijl in oudere bomen veelal een chronische ziekteproces wordt waargenomen.

Veroorzaker
De veroorzaker is de sinds kort geïdentificeerde schimmel Hymenoscyphus albidus (ROBERGE ex DESM.) W. PHILLIPS (KOWALSKI and HOLDENRIEDER 2009 b) met zijn ongeslachtelijke vorm Chalara fraxinea T. KOWALSKI (KOWALSKI 2006). Zowel het toenemende aantal van de meldingen van de aanwezigheid van de schimmel in beplanting die voor de ziekte gevoelig is (KOWALSKI 2006; SCHUMACHER et al. 2007 a; HALMSCHLAGER and KIRISITS 2008; BAKYS et al. 2008; SZABO 2008), als besmettingsexperimenten in kassen en in het veld (KOWALSKI and HOLDENRIEDER 2009 a; BAKYS et al. 2008 and 2009) hebben de ziekteverwekkende kracht laten zien. Echter, de redenen voor de kwaadaardigheid van deze onopvallende aantaster in takken van de es en de manier waarop de es geïnfecteerd wordt en de infectie zich verspreid, zijn tot nu toe niet duidelijk. Bovendien zijn er verscheidene andere schimmels met enige parasitaire eigenschappen gevonden op zieke bomen en er is gesproken over de mogelijke invloed van toevallige niet-biologische factoren, bijvoorbeeld droogte, vorst en veranderende winterse omstandigheden. (CECH 2005 and 2006 a, b, c; CECH and HOYER-TOMICZEK 2007; KOWALSKI and HOLDENRIEDER 2008 and 2009 a; BAKYS et al. 2009; KIRISITS et al. 2008; SCHUMACHER et al. 2007 b and 2008).

Situatie Duitsland
In Duitsland verschilt de invloed van de ziekte in een aantal regio’s nogal sterk, maar een landelijke verspreiding is aannemelijk geworden. Hoewel er slechts een paar meldingen beschikbaar zijn van Zuid-Duitsland, is er een belangrijke beschadiging aangetoond in boomkwekerijen en de bossen in Noord-Duitsland. (SCHUMACHER et al. 2007 b). Recente onderzoeken van een groot aantal op natuurlijke wijze aangetaste jonge kwekerijbomen in Noord-Duitsland hebben hoge infectiegevallen en verspreiding van de schimmel in het houtweefsel laten zien en konden bovendien de rol van de grondgebonden Oomycetes als mogelijke primaire of secundaire veroorzaker van de ziekte vaststellen.

Meer onderzoek nodig
Meer onderzoek is hard nodig, vooral met betrekking tot de infectiebron, de infectieplaatsen, de infectie-overbrengers en het infectieproces zelf.
Literatuurlijst
Boomadviesbureau De Groot heeft een literatuurlijst opgesteld van wetenschapelijke publicaties over de Essterfte. U kunt deze lijst hier downloaden.
Boomadviesbureau De Groot
Via deze website houden wij u op de hoogte over de ontwikkelingen over de essterfte. Boomadviesbureau De Groot kan voor u takken laten onderzoeken op de aanwezigheid van Chalara fraxinea. Neem voor vragen of meer informatie gerust contact met ons op.
Bovenstaand artikel is geschreven door Dr. J. Schumacher en is gepubliceerd in het congresboek van de Nederlandse Boominfodag 2009. De gebruikte afbeeldingen zijn afkomstig van Dr. J. Schumacher.
